maandag 19 december 2016


Schat aangespoeld op Terschelling
De vogelwachter en zijn vondst»De vogelwachter en zijn vondst Museum 't Behouden Huys
Door redacteur Jikke Zijlstra
Op Terschelling is een wrak aangespoeld met een bijzondere schat erin: zo'n 300 kilo koperen staven, duizenden kralen, ruim veertig koperen pannen, pot- en flesscherven.
Vermoedelijk komt de vondst uit de achttiende eeuw, zegt conservator en directeur Frans Schot van museum 't Behouden Huys op Terschelling. Volgens conservator Schot spoelt er wel vaker een wrak aan, maar bijna nooit met nog een lading aan boord.
Een vrijwillige vogelwachter van Staatsbosbeheer vond de restanten van een houten sloep twee weken geleden in de vloedlijn, toen hij met zijn vrouw op de Boschplaat liep, een natuurreservaat op het eiland. Hij vond tussen het zand op de bodem van de sloep duizenden kralen. Sommigen zijn van glas, anderen vermoedelijk van been. Samen met zijn vrouw haalde hij de kralen uit het zand.

Takelen

De rest van de lading kon hij niet met de hand uit het wrak halen. Dat lukte enkele dagen later wel met behulp van collega's en een auto met een grote takel. De lading is overgebracht naar 't Behouden Huys; het wrak is verdwenen in de zee.
Omdat veel conservatoren op vakantie zijn, is er nog geen definitieve uitspraak gedaan over de herkomst van het wrak of de lading. Maar er zijn volgens Schot wel vermoedens. Hij heeft de kralen ter beoordeling voorgelegd aan kralendeskundigen. Die zeggen dat de kralen vermoedelijk in de achttiende eeuw in Venetië of Amsterdam zijn gemaakt en werden gebruikt als betaalmiddel door onder andere de West Indische Compagnie. Die haalde slaven uit Afrika en bracht deze vervolgens naar Suriname.

Koperstaven

Een andere aanwijzing van de herkomst van de schat zijn de loodjes aan de ruim 20 bundels met gele koperstaven. Om de bundels zaten koperdraden met daaraan een loodje ter grootte van een muntstuk van twee euro.
Op de loodjes staat een afbeelding van een tweekoppige adelaar. Die afbeelding komt onder andere voor op de wapens van de gemeente Groningen en Nijmegen, maar ook in Duitsland. Op de achterkant van de loodjes staat een palmboompje met de letters T P. Verder lagen er scherven van handgeblazen glas in het wrak, vermoedelijk afkomstig uit de zeventiende eeuw, zegt Schot.
Volgens scheepsarcheoloog André van Holk uit Lelystad spoelt er zelden een wrak aan met nog een lading aan boord. Ook het grote aantal kralen dat aan boord was en de loden zegels noemt Van Holk bijzonder. Koper wordt volgens hem wel vaker gevonden. "Maar aangezien ik de vondst of het schip nog niet zelf heb kunnen bekijken, kan ik geen definitief oordeel geven", zegt de scheepsarcheoloog.
Bundels koperen staven met een zegelloodje

Geen opmerkingen:

Een reactie posten