VERDWENEN
AMERIKAANSE NUCLEAIRE WAPENS
Toen de
Koude Oorlog na de 2e Wereldoorlog en Korea vorm kreeg, ontspon zich
een mondiale wapenwedloop, waarbij nucleaire wapens centraal stonden.
Het is dan ook een mirakel, dat de wereld aan een nucleaire
catastrofe is ontsnapt. Die mogelijkheid bestaat echter nog steeds.
Minder bekend is dat de Amerikaanse Luchtmacht in die periode
atoombommen is kwijtgeraakt en dat sommigen nog steeds niet zijn
teruggevonden. Op 13 februari 1955 liet een brandende bommenwerper
een atoombom vallen in de oceaan, ter hoogte van de staat Washington.
In 1956 vertrokken 4 B-47, bommenwerpers, uit Marokko. Een van hen
heeft twee atoombommen aan boord. Het vliegtuig verdwijnt spoorloos
en ondanks intensieve zoektochten in de Oceaan en de Sahara ontbreekt
van het vliegtuig, de bemanning en de twee atoombommen elk spoor. In
1962 vliegen de motoren van een B-52 in brand. Volgens procedure laat
de piloot de lading, twee waterstofbommen, vallen. Een ervan is nooit
teruggevonden.
Dit zijn slechts
een paar van de tientallen ongelukken, die zich met atoomwapens
hebben voorgedaan. De Amerikaanse luchtmacht was in de periode van de
Koude Oorlog verdeeld in twee kampen. Het “Strategic Air Command”
had de taak om terug te slaan, mochten de Russen raketten lanceren.
SAC had voortdurend honderden vliegtuigen in de lucht of op de grond
paraat staan. Deze maakten regelmatig aanvalsvluchten op Amerikaanse
steden, die de rol van Russische militaire doelen speelden. Hiertegen
over stond de “Tactical Air Command”. Hun vliegtuigen en raketten
hadden tot taak de vijandelijke bommenwerpers te onderscheppen en te
vernietigen. Om alles nog echter te maken, vervoerden de
bommenwerpers “op scherp staande” atoomwapens. Boven de hoofden
van de onwetende Amerikanen en Europeanen speelde zich een kolossaal
oorlogsspel af, waarin regelmatig slachtoffers vielen en bommen
verdwenen. Tot 1980 vond gemiddeld 1x per jaar een ongeval plaats,
waarbij een atoombom betrokken was.
Op 4 februari
1958, om negen uur 's morgens vertrekt een B-47 bommenwerper uit
Florida met als doel een atoombom af te werpen op Redford (Virginia).
Piloot luitenant Richardson is een ervaren piloot, met ervaring uit
de Tweede Wereldoorlog. Ervaring, die later nog van pas zou komen.
Aan boord: een Mark-15, het nieuwste type atoombom. Vele
malen krachtiger, dan de bommen, die op Nagasaki en Hirosjima
zijn geworpen in 1945 (1,5 megaton). In 1954 is de bom op het
Bikini-atol beproefd. Richardson en zijn bemanning maken onderdeel
van de 19e groep aanvalsbommenwerpers en namen die dag deel aan een
complexe oefening. De B-47 speelde hierbij de rol van een Russisch
vliegtuig, dat het Amerikaanse luchtruim was binnen gedrongen. Na een
zig-zag koers over de VS, waarbij het toestel in de lucht werd
bijgetankt, zette men koers op Redford (Virginia), om daar de bom te
laten vallen. Tegelijkertijd met de B-47 kreeg een groep Sabre-jets
in South-Carolina opdracht dit toestel te onderscheppen en zo nodig
neer te halen. Luitenant Clarence Stewart bestuurde een van deze
straaljagers. Richardson besluit de oefening met een duikvlucht op
Redford, de afwerp procedure wordt geoefend en de B-47 maakt zich uit
te voeten, om aan de kracht van de explosie te ontkomen, als het
werkelijkheid was geweest.
De
bom ligt zeer waarschijnlijk met de neus naar beneden in de modder.
Wanneer de steel
trap door
onder invloed van zeewater doorroest, zakt de plutonium capsule naar
beneden en volgt een nucleaire explosie. Een nucleaire tijdbom, dus.
Met de bom nog
aan boord, maakt Richardson aanstalten om naar de thuisbasis terug te
keren. Hun oefening zit er op. Voor de Sabrejet-piloot Stewart
evenwel nog niet. Hij achtervolgt nog steeds een vliegtuig, dat hij
voor een Russische bommenwerper houdt. Door de afgenomen waakzaamheid
op de B-47, (en door achteraf geconstateerde mechanische defecten, is
het de onwetendheid bij Stewart, dat de oefening is afgelopen,
waardoor een ramp plaatsvindt. Plotseling ziet de 24-jarige luitenant
de B-47 voor zich opdoemen. Hij probeert het toestel te ontwijken,
maar dit mislukt. Zijn linkervleugel slaat een gat in de vleugel van
de B-47, die een benzinetank verliest. Het toestel van Clarence
Stewart breekt in stukken, de schietstoel redt hem het leven. De
bommenwerper is zwaar beschadigd, maar de bemanning weet het toestel
in de lucht te houden. Lang zal dit echter niet mogelijk blijven.
Noodgedwongen moet Richardson zijn lading dumpen, voordat hij mag
landen. Dit doet hij ter hoogte van Savannah (Georgia), waar de bom
naar alle waarschijnlijkheid in een waterrijk moerasgebied of in de
Atlantische Oceaan is terechtgekomen. De bom staat op scherp.
Achteraf blijkt het een wonder, dat Richardson het toestel nog aan de
grond heeft weten te zetten, zo groot waren de beschadigingen.
Gedurende drie weken zoekt de Marine intensief naar de verloren bom.
Dan breken ze de zoektocht af. De bevolking krijgt te horen, dat de
onvindbare atoombom geen enkel gevaar voor mens en omgeving vormt.
Dit wordt aanvankelijk geslikt. Een atoombom is opgebouwd uit een
kern van plutonium en uranium, met daaromheen een ontstekings-
mechanisme bestaande uit explosieven (TNT). Deze drukken het
plutonium en uranium samen, waarop de kernexplosie volgt.
Er
zijn nog drie incidenten nodig, voordat het Pentagon oefenvluchten
met atoomwapens verbiedt. Op 11 maart 1958 verloor een B-47 een
kernwapen, waarbij de TNT tot ontploffing kwam, die een krater sloeg
van 25 meter breed en 3 meter diep en de omgeving in een
maanlandschap veranderde. In januari 1966 verloor een B-52 4
waterstofbommen boven de kust van Spanje. Twee bommen explodeerden,
waardoor een groot gebied met plutonium werd verontreinigd. 1400 ton
verontreinigde aarde en planten werden naar de VS getransporteerd,
net als de 10.500 ton zwaar verontreinigde sneeuw en aarde na een
crash in de buurt van Thule Airforce Base, op Groenland. Het giftige
afval wordt verbrand in een afvaloven in de buurt van Savannah
(Georgia). Het standpunt van de Amerikaanse overheid is, dat de bom
bij Savannah geen gevaar oplevert. Toch zijn de stromingen in de
Oceaan onvoorspelbaar. In de buurt van voormalige militaire
oefengebieden, duiken regelmatig explosieven, bommen en raketten op
de stranden op. In 1997 vonden wandelaars in Florida, op het strand
een stuk van de verongelukte Challenger; bijna 40 kilometer
verwijderd van de plaats van het ongeluk. Op de stranden van
Schotland spoelen regelmatig bommen en granaten aan, die na de 2e
Wereldoorlog in zee zijn gedumpt. Officiëel zijn de Amerikanen 2
atoombommen kwijt, waaronder die bij Savannah. Er is echter bewijs
van tientallen incidenten. Tegelijkertijd speelden de Russen
hetzelfde oorlogsspel, net als de NAVO-vliegtuigen (van de atoommachten Frankrijk en Engeland) boven Europa en Azië.
Officiëel zijn hierbij nooit ongelukken gebeurd.